Uitdaging

Tiny vliegt (parapente)

Niet dat ik het op mijn bucketlist had staan (die heb ik namelijk niet), maar hoe meer ik er over nadacht, hoe liever ik het wou doen. Nooit van mijn leven ga ik uit een vliegtuig springen met een parachute en de kick van 10 seconden bungeejumpen laat ik ook aan mij voorbij gaan.

Maar dit, parapente, zag ik zitten. Ja, ikke, met mijn hoogtevrees. Ikke, die op een laddertje staan al eng vind. Ikke, die vorig jaar in Oostenrijk nog bijna in mijn broek deed op de zetellift.

Van een berg lopen en beginnen zweven, vraag me niet waarom, maar dat vond ik wel okee. Dus belde ik naar Daniël in Zinal, waar we logeerden in Zwitserland en we spraken meteen af voor de dag er na, om 11u aan de telecabine in Zinal. Dus de straat oversteken aan het hotel en ik was er.

Hij bleek een toffe, joviale oudere kerel en ik had er direct vertrouwen in. Wij dus naar boven, op de Sorebois, we lopen vijftig meter verder naar een Alpenweide en daar ging het zo:

IMG_7541

Daniël haalde zeil en gareel uit zijn rugzak…

IMG_7542

… legde alles minutieus klaar en stak mij in harnas plus helm…

DSC_0455

Duurt dat hier nog lang, of hoe zit ‘t? 😉

DSC_0460

en zei: “Tiny, tu cours et tu cours et c’est tout.” Dus ik liep recht vooruit en…

IMG_7543

…floep, de berg af…

DSC_0462

 

IMG_7547

… en ik zweefde.

Eenmaal in de lucht mocht ik me op mijn gemak achteruit laten leunen, net alsof ik in een zetel zat. Incroyable. Magnifique. En geen sikkepitje hoogtevrees. Fantastisch.

De landing, na twintig minuten rustig zweven, was ook simpel: gewoon je op je zij laten rollen in het gras. Piece of cake. Morceau de tarte.

Kwanta kosta? 150 CHF, absoluut de moeite waard. Als ik op een andere locatie nog eens die kans krijg, ik spring zò weer van een berg. Zot hé?

DSC_0465

Tiny leest en vond het niks

Voor de Verbeelding bookchallenge ging ik onder andere op zoek naar een kort boek (minder dan 200 pagina’s), een boek dat zowat iedereen al had gelezen en een boek geschreven door een ‘celebrity’.

Ik vond een dun boekje dat door massa’s mensen al werd gelezen, verslonden en opgehemeld, dus ik dacht: Ha, dit is het! Nu ga ik weten waarom iedereen zo lyrisch is over dit boek, sommigen zeiden zelfs dat het hun leven had veranderd. Oh boy.

Paolo Coelho: De alchemist.

b7751f15865c8d008c149f92d6d08d77

Deze Braziliaanse schrijver heeft het in zijn parabel over hoe je altijd moet blijven dromen, hoe de schaapherder achter een verborgen schat aan gaat en dat een mens vertrouwen moet hebben in wat het leven je te bieden heeft.

Het land werd onbruikbaar en ik moest een andere broodwinning zoeken. Nu ben ik kameeldrijver. Maar toen begreep ik Allah’s woord: Laat niemand het onbekende vrezen, want iedereen kan alles wat hij wil en nodig heeft veroveren.”

Ugh. Meerdere keren deden mijn ogen pijn toen ik dit boek aan het lezen was. Niet omdat de lettertjes te klein waren, of omdat ik al te moe was, maar pijn van het vele oogrollen. Man toch. Ik was ineens terug gekatapulteerd naar de godsdienstlessen van het vierde middelbaar. Zoek de geheime boodschap! Wat wordt hiermee bedoeld? Welke les trek je hier uit?

Sorry hoor, maar ik ben te oud geworden voor die onzin. Pardon. Het is natuurlijk geen onzin. Maar ik hoef geen boekje te lezen om te beseffen dat je zélf het geluk achterna moet gaan en dat het niet in je schoot zal geworpen worden. Aan iedereen die dit boek fantastisch vond op twintigjarige leeftijd: mooi zo, je hebt een boekje uitgelezen en je bent wijzer geworden. Maar als je op je vijftigste pas tot deze inzichten komt, dan is er toch wel het een en ander aan je voorbijgegaan de afgelopen jaren…

the-Alchemist

Ja ja…:-)

Morgen bespreek ik een ander boek, dat ik ook maar niks vond. Ach het kan niet elke dag hoera en joechei zijn hé. 😉

 

Tiny’s papa

Een tijdje geleden schreef ik hier al het verhaal van mijn grootmoeder en dus ook een stuk dat van mijn moeder: Tiny op zolder

Nu wil ik jullie graag even meenemen naar de Antwerpse Kempen, vroege jaren veertig. Midden in de oorlog stond er een boerderij in Wuustwezel, Jules en Anna werkten hard  en als er alarm was, vluchtten ze naar de molen, kindjes aan de hand, de kleine Stan als baby mee met Anna.

Hij groeide op temidden van nog acht broers en zussen die allemaal een beetje voor elkaar zorgden en veel samen speelden. De jongens hoofdzakelijk buiten, ‘buske stamp‘ (voetballen met een blikje), gaan fietsen over de grens naar Nederland, knikkeren, bikkelen, visjes vangen, een vijvertje maken,…

Toen hij wat ouder werd, was hij niet thuis te houden: ofwel ging hij ergens werken om wat geld bij te verdienen, of hij ging op stap met zijn jongere broer. Uitgaan en dansen, met mensen babbelen, vrienden maken, en vriendinnen! Hij knutselde ook van alles in en uit elkaar en iedereen zei, die jongen wordt nog eens iets. Die kan van niets alles maken. Een ondernemer!

scan-24-2

Mijn vader achterop bij zijn broer Jef

Ze hadden ook een brommer, die werd zo’n beetje door iedereen gebruikt, maar Stan deed er van alles mee, kunstjes en stunten, niets was hem te gek, hij was een echte durfal. Tot die ene nacht, die ijskoude winter van 1963. ’s Morgens stond Maria, mijn grootmoeder, heel vroeg op en haar zoon lag niet in zijn bed. Meteen gingen ze op zoek, langs de straten van waar hij had langs gereden de vorige avond. Na enige tijd vonden ze hem, half bevroren, aan de kant van de weg half in de bevroren sloot. Van een helm of beschermende kledij was toen helemaal geen sprake.

Die vrieskou heeft eigenlijk zijn leven gered. Want er was van alles gaan bloeden maar door de kou werden verschillende bloedingen gestelpt. Hij was wel bont en blauw maar had niks gebroken, en na zes (!) weken coma werd hij eindelijk wakker. De zuster en zijn familie begon meteen tegen hem te praten, en hij zei: “Ik kan jullie niet zien, hoor.”  Toen pas werd ontdekt dat hij zijn gezichtsvermogen verloren had. Allerlei onderzoeken en operaties leverden niks op, niks meer aan te doen.

Het vervolg? Zoals ik al schreef: het was een ondernemer, een durfal en stilzitten stond niet in zijn woordenboek. Hij had gehoord over een revalidatiecentrum in het verre Brugge, waar ze hem een vak konden leren, lopen met een witte stok, en je plan leren trekken in het dagelijks leven. Dus hup, hij weg van thuis, op internaat in Brugge.

Twee jaar later (in de golden sixties!) vond hij werk bij de grote fabriek Siemens, had hij ook mijn moeder leren kennen, en bleef in Brugge wonen. Ze trouwden en nog wat later werd hun dochter geboren: Tiny.

Mijn vader wordt vandaag 76 jaar en woont nog steeds zelfstandig met mijn moeder in Brugge. Proficiat hé, pa!