nuweiba

Tiny in Egypte, deel 4

Lees hier deel 1, deel 2 en deel 3.

Om half zes ben ik al klaarwakker, maar ik heb goed geslapen. Het is al licht en ik ga wandelen langs het strand. Naast ons kamp zijn er nog tal van andere kampen, maar die zijn bijna allemaal leeg, er zijn hier nog niet veel toeristen.

Vandaag komt de zon er goed door en na het ontbijt ben ik snel opgewarmd in de cirkel. Ik duik het water in. Je kan de zee in wandelen over een heel stuk met enkel zand, en dan kom je in een soort ‘zwembadje’, waar het iets dieper is. Het water is heerlijk koel, maar niet koud. Zalig. Ik ben wel wat paniekerig, zie mijn eigen schaduw voor een grote vis aan en als ik een rotsje zie, denk ik dat het een zee-egel is.

egypte-214

Maar vandaag hebben we ook een trip gepland. Salem neemt ons eerst mee naar zijn dorp, Messina-al-Nuweiba, waar we thee drinken bij zijn familie: zijn vijf kinderen, zijn pa en ma, zijn vier zussen en twee broers, en al hun kinderen, komen één voor één een handje geven.

egypte-272

Daarna met de jeep, richting woestijn. Warme kleren meenemen, was ons gezegd, want daar zitten we meteen een stuk hoger en wordt het kouder, zeker als de zon gaat zakken. Om half zes ’s avonds is het hier al bijna donker. In the middle of nowhere stappen we uit, en we klimmen een heuvel op, waar bovenaan een prachtig uitzicht op ons wacht. Elk afzonderlijk hebben we ons daar neergezet, wat gemediteerd, wat genoten van het uitzicht en gewacht op de zonsondergang.

Ik ga op de rand zitten, kijk richting westen. Achteraf vertelt Claudine mij, dat het bepalend is, waar je precies gaat zitten op deze plek. Ik ging op die plaats blijkbaar spreken met mijn voorouders. Hmm. Ze waren nogal stil…

De berg weer af als de zon onder is, en Taha en Salem staan ons op te wachten, het vuur is aan, de thee is klaar. Taha maakt met bloem, water en wat zout een broodje, drukt het plat en legt het in de as van het vuur. Ondertussen stopt er nog een auto, ene Abdellah stapt uit met een zelfgemaakt instrument, een soort sitar, en begint voor ons te spelen. Het volgende moment sta ik te dansen in de woestijn. Hoe zot! Wat is dit voor een plek??

We eten het broodje, het smaakt fantastisch en het is zo simpel. Voor die mensen daar ìs het leven ook werkelijk zo simpel. Vanaf nu probeer ik echt te genieten van elk moment. Dit ga ik in België al zeker niet meemaken.

Als we terug naar het kamp rijden, passeren we hier en daar een kameel. Alsof we een fietser zouden voorbij steken. Doodnormaal. En néé, ik ben niet van plan op een kameel te zitten. Net zo weinig kans als dat ik ooit zou betalen om met dolfijnen te kunnen zwemmen, of aapjes te mogen strelen of een olifant te voederen. Ik ben nogal principieel op dat vlak. Die beesten hebben daar niet om gevraagd.

In plaats daarvan zal ik de honden hier, Ramses, Gizeh, Marley en Sheba wel duizend aaitjes geven. Die genieten er van…