werk

Tiny’s eerste zeven bijbaantjes #firstsevenjobs

Weer iets ontdekt: Blijkbaar is dit ook een onderwerp om over te bloggen, een lijstje met je eerste zeven… bijbaantjes. Of er nog onderwerpen zijn over andere “eerste zeven…”, moet ik nog ontdekken, maar dat kan nog leuk worden.

Naast de tot nu toe drie officiële werkplekken die ik heb gehad, heb ik ook nog een hoop andere dingen gedaan (vooraf en tussendoor).

Babysitten

Mijn mama was een tijdje verantwoordelijke voor de regionale oppasdienst, nam dus alle telefoons aan van mensen die een babysit zochten en babysitters op zoek naar werk. Daardoor was dit mijn eerste idee toen ik de respectabele leeftijd van 15 jaar had en iets wou bijverdienen. Nochtans kan ik me slechts drie plekken herinneren waar ik effectief heb opgepast, twee maal bij kennissen van mijn ouders en éénmaal via de babysitdienst. Leuk werk, lieve kindjes en makkelijk verdiend. Waarom ik dit niet méér heb gedaan? Geen flauw idee!

Presenteren op de vrije radio

Oh, dat heb ik al eens verteld hé? Lees het hier. En nee, ik verdiende niks niemendal, maar ik werd betaald in levenservaring, dictielessen van mensen die wél mooi konden praten, een paar leuke mannen die evolueerden tot ‘vriendje’ en een uitgebreide muziekkennis. Misschien geen echte job, maar veel meer dan een hobby, dat was zeker.

Verkoopster in een kinderklerenwinkel

Ook dat heb ik al eens verteld. Lees dat verhaal hier. Ik begin mezelf te herhalen, vrees ik.

Copywriter

Of noem je dat typiste? Het kwam hier op neer: de ex-gitaarleraar van mijn moeder was ook leraar muziekgeschiedenis en had zijn eigen cursus geschreven. Dat wil zeggen, hij had die ingesproken op een bandje, want zelf kon hij niet typen (of had hij daar geen zin in). Hij zocht iemand om die volledig uit te schrijven. “Mijn dochter schrijft graag”, zei mijn moeder tegen hem. En daardoor ging ik een paar keer per week naar Gent, waar ik aan een bureautje zat met een Apple computer (begin jaren negentig had ik dat nog NOOIT gezien), waar ik ijverig de teksten uittikte. Ik werd betaald, denk ik, maar dat herinner ik me niet meer. Wel de moeilijke termen en de klassieke muziek die door het huis galmde, de componisten waar ik nog nooit van had gehoord (hedendaagse componisten dus) en de interessante materie; ik stak er heel wat van op.

serveimage

Camp Counselor

Ook al iets van verschenen op deze blog: Tiny in Amerika, deel 1 en deel 2.

Niks mee verdiend, tenzij een pietsie zakgeld, de reis heen en terug, en kost en inwoning. Dat moet je nu eens proberen, zeg! Je betaalt je blauw om ergens in het buitenland als vrijwilliger te ‘mogen’ werken.

Verkoopster van Porto

Je kent dat wel, die mensen die soms in de supermarkt staan met proevertjes. Wel, ik stond daar ooit ook, met flessen Porto (van een goed merk, zulle!) en kleine glaasjes, iedereen mocht komen proeven en ik mocht promotie maken voor dat merk. Jammer dat het maar voor twee dagen was, best een leuke job!

Horeca-medewerkster

Ken je Het dagelijks Brood of Le Pain Quotidien? Ze zitten een beetje overal, is voornamelijk een ontbijtzaak, maar ondertussen hebben ze flink uitgebreid. Af en toe ging ik in Knokke-Heist een zondag meedraaien. Ja hallo! Eeuwig respect voor iedereen die fulltime in de horeca werkt, wat een vermoeiende job zeg! Werken met een kassasysteem dat je nog nooit eerder zag, tafels afruimen, bestellingen opnemen, ook in het Frans, ik heb gezweet! Een hele ervaring, maar niks voor mij.

Wat voor zotte jobs hebben jullie al gedaan?

 

Advertenties

Tiny en de vragen 

De pluszoon van dertien stelt blijkbaar graag existentiële vragen.. Deze middag tijdens de lunch vroeg hij bijvoorbeeld wat ik de afgelopen 10 jaar van mijn leven zou willen veranderen, wat ik opnieuw zou willen doen. Ik vond het een super moeilijke vraag en toen ik er over nadacht, bedacht ik me dat in de afgelopen 10 jaar er niet zo heel veel dingen zijn geweest die ik opnieuw of anders zou doen.
De laatste 10 jaar waren eigenlijk wel goed. Ik heb mijn huidig lief ontmoet, ik ben behoorlijk veel op reis geweest, heb een hele hoop nieuwe mensen leren kennen en heb grotendeels mijn eigen ding kunnen doen. Een paar dingetjes rond de aanpak van mijn zoon zou ik misschien veranderen, maar ja…

Maar daar hield de vragenronde nog niet mee op. Hij vroeg verder wie ik eens zou willen ontmoeten, met wie ik een hele dag zou willen optrekken, iemand beroemd of iemand die al dood is. Hij dacht in mijn plaats aan iemand zoals zoals Brad Pitt of George Clooney, maar die zijn volgens mij saaie pieten, zoals volgens mij zoveel acteurs of actrices. Misschien dat zowel de looks als de brains van Viggo Mortensen mij wel een dagje bezig zouden kunnen houden. En nu ik er wat langer over nagedacht heb, misschien ook Meryl Streep, met haar zou ik best een leuke dag kunnen hebben. Of als het dan toch iemand mag zijn die al gestorven is dan wil ik graag nog eens een tasje koffie drinken met mijn grootvader en als het even kan allebei mijn grootvaders – en weet je wat doe er dan mijn grootmoeders ook maar bij. Dat wordt vast een gezellig koffiekransje.

Zijn volgende vraag was, als je nu een nieuw beroep zou mogen kiezen, wat zou dat dan zijn – om het even wat. Ook daar had ik wat tijd voor nodig. Ik zei, het zal wel iets moeten zijn met mensen, of in de zorg, bijvoorbeeld verpleegster of als ik slim genoeg zou zijn dokter. Of misschien wel fotograaf of journalist. Hij zei nog: of leerkracht, je legt toch graag iets uit en je kan dat goed? Wel ja, maar dan bij studenten of volwassenen. Niet bij kinderen. Daar word ik te nerveus van. 😉

Door naar de volgende, zonder stoppen. Waar zou je willen wonen, als geld geen probleem was en als ook onderhoud van je huis inbegrepen zou zijn? Meteen antwoordde ik: Brugge. Waar hij nogal van op keek. Waarom niet het zuiden van Frankrijk of Griekenland of Italië of zo? Die landen zijn wel leuk om een buitenverblijf te hebben, ja, maar om echt te wonen? Nee dank u. Mijn lievelingswoonplaats hangt samen met de mensen die er wonen, de herinneringen die er zijn en ja, ook de schoonheid kun je moeilijk ontkennen. Amsterdam zou wel op een tweede plaats komen.

DSC_0083

Hoe kom je toch op die vragen, vroeg ik hem? Heb je er iets over geleerd op school, heb je die zelf moeten beantwoorden of zo? Nee nee, zei hij, ik vind het leuk om moeilijke vragen te stellen aan mensen.

En jullie? Wat als je kind jou die vragen stelt? Of in dit geval, als ik je die vragen stel, wat zeg je dan?

Tiny keert terug (Dag van de zorg)

DSC_0187Vijftien jaar geleden nam ik afscheid van mijn collega’s en mijn “gastjes” uit het bezigheidstehuis. Tien jaar lang werkte ik als opvoedster in Oostende, bij mensen met een mentale handicap. Het werken in een leefgroep, omgaan met die mensen, hen helpen in het dagelijkse leven, vond ik fantastisch, ik deed mijn werk erg graag. Maar het gebrek aan inspraak, het stilstaan in een zorgwereld in verandering, dat maakte dat ik op zoek ging naar iets anders.

Ondertussen is er effectief toch heel veel veranderd, ook in datzelfde bezigheidstehuis. Naar aanleiding van de Dag van de zorg ging ik er nog eens terug. Gewapend met een pak zakdoeken want de vorige keer dat ik er op bezoek ging, werd het me emotioneel te veel: heimwee of nostalgie, ik weet het niet.

Nu sprak ik vooral met ex-collega’s, sommigen had ik inderdaad al vijftien jaar niet meer gezien. Enkelen waren zelf al met pensioen en kwamen ook eens kijken of werken er nog steeds, maar dan als vrijwilliger. Sommigen zijn al oma, iemand is na jaren alleenstaande mama met drie dochters toch opnieuw getrouwd, een ander werd recent weduwnaar,… De verhalen volgden elkaar op. Het was goed om iedereen eens terug te zien en te horen wat er zo allemaal is veranderd.

DSC_0189

Een blik op ‘mijn’ vroegere leefgroep

De kokkin vroeg of ik soms nog eens terug dacht aan die tijd. Ik zei haar, het komt zo vaak voor dat ik iets klaar maak en dat ik denk: dàt is iets wat zij me heeft geleerd. Dus ja, ik denk er nog regelmatig aan terug.

De leefgroepwerking gaat vooral nog ’s morgens en ’s avonds verder, want overdag zijn de meesten gaan werken in het dagcentrum. ‘In mijn tijd’ deden we vooral groepsactiviteiten, of ze  nu zin hadden of niet: gaan zwemmen, naar de markt, wandelen, creatief bezig zijn, en zo meer. Nu doen ze dit nog steeds maar gaan ze uit van de vraag van de cliënt. Er is sprake van een volwaardig burgerschapsmodel, wat zo veel wil zeggen als dat mensen met een beperking als volwaardige en evenwaardige burgers zich binnen de maatschappij kunnen bewegen. Wonen, werken en vrije tijd is veel meer opgesplitst. Werken gebeurt in een dagcentrum en niet meer in het tehuis. Vrije tijd is iets wat ze zelf kunnen bepalen, er wordt een waaier van activiteiten aangeboden en er is een vrijetijdsloket: waar ze begeleiding kunnen krijgen op zoek naar een invulling van hun vrije tijd.

DSC_0191

Een hele verbetering als je er over nadenkt. Ik herinner me nog hoe ik er een hekel aan had als het donderdagmiddag was en het “crea-namiddag” was. Zelf ben ik helemaal niet creatief, kan amper knutselen, noch breien of smyrna, en zoiets in gang steken was voor mij een marteling. Gelukkig had ik altijd wel creatieve collega’s en kon ik gewoon helpen waar het kon.