werk

Tiny en de vragen 

De pluszoon van dertien stelt blijkbaar graag existentiële vragen.. Deze middag tijdens de lunch vroeg hij bijvoorbeeld wat ik de afgelopen 10 jaar van mijn leven zou willen veranderen, wat ik opnieuw zou willen doen. Ik vond het een super moeilijke vraag en toen ik er over nadacht, bedacht ik me dat in de afgelopen 10 jaar er niet zo heel veel dingen zijn geweest die ik opnieuw of anders zou doen.
De laatste 10 jaar waren eigenlijk wel goed. Ik heb mijn huidig lief ontmoet, ik ben behoorlijk veel op reis geweest, heb een hele hoop nieuwe mensen leren kennen en heb grotendeels mijn eigen ding kunnen doen. Een paar dingetjes rond de aanpak van mijn zoon zou ik misschien veranderen, maar ja…

Maar daar hield de vragenronde nog niet mee op. Hij vroeg verder wie ik eens zou willen ontmoeten, met wie ik een hele dag zou willen optrekken, iemand beroemd of iemand die al dood is. Hij dacht in mijn plaats aan iemand zoals zoals Brad Pitt of George Clooney, maar die zijn volgens mij saaie pieten, zoals volgens mij zoveel acteurs of actrices. Misschien dat zowel de looks als de brains van Viggo Mortensen mij wel een dagje bezig zouden kunnen houden. En nu ik er wat langer over nagedacht heb, misschien ook Meryl Streep, met haar zou ik best een leuke dag kunnen hebben. Of als het dan toch iemand mag zijn die al gestorven is dan wil ik graag nog eens een tasje koffie drinken met mijn grootvader en als het even kan allebei mijn grootvaders – en weet je wat doe er dan mijn grootmoeders ook maar bij. Dat wordt vast een gezellig koffiekransje.

Zijn volgende vraag was, als je nu een nieuw beroep zou mogen kiezen, wat zou dat dan zijn – om het even wat. Ook daar had ik wat tijd voor nodig. Ik zei, het zal wel iets moeten zijn met mensen, of in de zorg, bijvoorbeeld verpleegster of als ik slim genoeg zou zijn dokter. Of misschien wel fotograaf of journalist. Hij zei nog: of leerkracht, je legt toch graag iets uit en je kan dat goed? Wel ja, maar dan bij studenten of volwassenen. Niet bij kinderen. Daar word ik te nerveus van. 😉

Door naar de volgende, zonder stoppen. Waar zou je willen wonen, als geld geen probleem was en als ook onderhoud van je huis inbegrepen zou zijn? Meteen antwoordde ik: Brugge. Waar hij nogal van op keek. Waarom niet het zuiden van Frankrijk of Griekenland of Italië of zo? Die landen zijn wel leuk om een buitenverblijf te hebben, ja, maar om echt te wonen? Nee dank u. Mijn lievelingswoonplaats hangt samen met de mensen die er wonen, de herinneringen die er zijn en ja, ook de schoonheid kun je moeilijk ontkennen. Amsterdam zou wel op een tweede plaats komen.

DSC_0083

Hoe kom je toch op die vragen, vroeg ik hem? Heb je er iets over geleerd op school, heb je die zelf moeten beantwoorden of zo? Nee nee, zei hij, ik vind het leuk om moeilijke vragen te stellen aan mensen.

En jullie? Wat als je kind jou die vragen stelt? Of in dit geval, als ik je die vragen stel, wat zeg je dan?

Tiny keert terug (Dag van de zorg)

DSC_0187Vijftien jaar geleden nam ik afscheid van mijn collega’s en mijn “gastjes” uit het bezigheidstehuis. Tien jaar lang werkte ik als opvoedster in Oostende, bij mensen met een mentale handicap. Het werken in een leefgroep, omgaan met die mensen, hen helpen in het dagelijkse leven, vond ik fantastisch, ik deed mijn werk erg graag. Maar het gebrek aan inspraak, het stilstaan in een zorgwereld in verandering, dat maakte dat ik op zoek ging naar iets anders.

Ondertussen is er effectief toch heel veel veranderd, ook in datzelfde bezigheidstehuis. Naar aanleiding van de Dag van de zorg ging ik er nog eens terug. Gewapend met een pak zakdoeken want de vorige keer dat ik er op bezoek ging, werd het me emotioneel te veel: heimwee of nostalgie, ik weet het niet.

Nu sprak ik vooral met ex-collega’s, sommigen had ik inderdaad al vijftien jaar niet meer gezien. Enkelen waren zelf al met pensioen en kwamen ook eens kijken of werken er nog steeds, maar dan als vrijwilliger. Sommigen zijn al oma, iemand is na jaren alleenstaande mama met drie dochters toch opnieuw getrouwd, een ander werd recent weduwnaar,… De verhalen volgden elkaar op. Het was goed om iedereen eens terug te zien en te horen wat er zo allemaal is veranderd.

DSC_0189

Een blik op ‘mijn’ vroegere leefgroep

De kokkin vroeg of ik soms nog eens terug dacht aan die tijd. Ik zei haar, het komt zo vaak voor dat ik iets klaar maak en dat ik denk: dàt is iets wat zij me heeft geleerd. Dus ja, ik denk er nog regelmatig aan terug.

De leefgroepwerking gaat vooral nog ’s morgens en ’s avonds verder, want overdag zijn de meesten gaan werken in het dagcentrum. ‘In mijn tijd’ deden we vooral groepsactiviteiten, of ze  nu zin hadden of niet: gaan zwemmen, naar de markt, wandelen, creatief bezig zijn, en zo meer. Nu doen ze dit nog steeds maar gaan ze uit van de vraag van de cliënt. Er is sprake van een volwaardig burgerschapsmodel, wat zo veel wil zeggen als dat mensen met een beperking als volwaardige en evenwaardige burgers zich binnen de maatschappij kunnen bewegen. Wonen, werken en vrije tijd is veel meer opgesplitst. Werken gebeurt in een dagcentrum en niet meer in het tehuis. Vrije tijd is iets wat ze zelf kunnen bepalen, er wordt een waaier van activiteiten aangeboden en er is een vrijetijdsloket: waar ze begeleiding kunnen krijgen op zoek naar een invulling van hun vrije tijd.

DSC_0191

Een hele verbetering als je er over nadenkt. Ik herinner me nog hoe ik er een hekel aan had als het donderdagmiddag was en het “crea-namiddag” was. Zelf ben ik helemaal niet creatief, kan amper knutselen, noch breien of smyrna, en zoiets in gang steken was voor mij een marteling. Gelukkig had ik altijd wel creatieve collega’s en kon ik gewoon helpen waar het kon.

Tiny en de zeven hoofdzonden, deel 4: Traagheid

Traagheid, gemakzucht, luiheid…

Is dat nu echt een zonde? Moeten we soms allemaal niet een beetje trager leven? Het gaat al zo snel, dat jachtige leven van ons, dat zoveel tegelijk willen.

Als het gaat over efficiëntie, dan denk ik niet dat ik zo traag ben. Ik werk graag door, doe soms verschillende dingen tegelijk en probeer zaken tot een goed einde te brengen.
Hoewel, ik ben soms wel eens lui. In plaats van de keuken te dweilen, zal ik al snel eens de stofzuiger nemen of een keer rondspuiten met een allesreiniger. Ramen wassen vind ik meestal tijdverspilling. Huishoudelijke klusjes in het algemeen stel ik nogal eens uit. Lees ook: Tiny is geen huishoudwonder.

Aan de andere kant, ik heb wat men noemt ‘geen zittend gat’. Zelfs al zit ik neer, met een boek of kijkend naar een film, of in de auto, zit ik tussendoor héél vaak te denken wat ik nog ‘moet doen’ of bedenk ik ideetjes voor deze blog, of ga ik tussendoor iemand bellen of mailen. Of ik maak een boodschappenlijstje of een weekmenu.

’s Avonds neem ik graag een bad, waar ik dan een uur in zit te weken, met een goed boek als gezelschap. In plaats van de vuile borden af te wassen…

Traagheid kan ook nalatigheid betekenen. Niet genoeg het goede doen. Hier denk ik toch redelijk goed bezig te zijn. Jarenlang heb ik vrijwilligerswerk gedaan, op allerlei vlakken. Ik ben graag bezig en als ik daar mensen mee kan helpen, nog liever.

luiheid