verjaardag

Tiny wil een uitdaging…

… maar wat?

Op het internet circuleren (vooral Hollandse en Amerikaanse) lijstjes van dingen die je zogezegd moet gedaan hebben voor je vijftigste. Ik vind ze vooral belachelijk, dus daar beginnen we niet aan.

Een tijd geleden publiceerde ik ook al een lijst van wat ik al wel of niet heb gedaan/gezien: Tiny deed nog niet veel. Maar nu vraag ik me af: heb ik nog iets gemist? Ik heb vanaf vandaag nog welgeteld TIEN dagen.

Moet ik volgens jou nog een film zéker zien? Een boek zéker lezen? Is er iets waarvan je vindt dat het belachelijk is als je dat nog niet voor je vijftigste gedaan hebt?

Stuur me niet te ver en laat me niet te veel geld uitgeven, maar ik wil nog wel een uitdaging aangaan. Wie heeft een voorstel?

 

Advertenties

Tiny telt af, deel 3: 1978 – 1982

 

Over acht weken word ik vijftig. Ik kan het zelf bijna niet geloven dat ik al een halve eeuw hier mee draai, en dat ik al van alles overleefd en beleefd heb. De grote rode draad doorheen mijn leven is muziek, daarom deze reeks. Ik tel af (of op) per vijf levensjaren en deel voor elk jaar een nummer uit die tijd, die voor mij op een of andere manier iets heeft betekent.

Als je mij kende tijdens één of meerdere periodes, kom je misschien jezelf nog tegen. 🙂

Want muziek heeft voor mij erg veel te maken met mensen, en de herinneringen die er bij horen.

Vanaf nu krijgt muziek een nog grotere betekenis en heb ik bij veel nummers een verhaal.

1978: Patti Smith, Because the night

Het had ook Grease kunnen zijn, de volledige soundtrack. Maar ik koos voor een Bruce Springsteen nummer, door hem geschreven, maar bekend geworden in de versie van Patti Smith. Als er één nummer is dat ik telkens wil zingen bij een Karaoke, dan is het dit wel. Door de jaren heen kreeg het voor mij een anderen betekenis, is het ook gelinkt aan een specifieke man, met wie ik nog steeds contact heb, en als het dan eens lukt dat we toevallig in dezelfde ruimte zijn en het lied weerklinkt, hebben we ondanks al onze verschillen, weer even terug een connectie.

 

1979: The Wiz, Brand New Day

In de soundtrack van de film The Wiz (gebaseerd op de film uit 1939: The Wizard of Oz) zat een fantastisch lied. Het stond een tijdje in de hitparade en ik moest en zou die single hebben. Wellicht één van de eerste die ik van mijn zakgeld kocht. Ik draaide het grijs op mijn platenspeler. Een paar jaar later besliste ik, na een liefdesdebâcle, het nummer NOOIT meer op te leggen, tenzij de knul in kwestie toch terug voor mij zou kiezen. Omdat dit zo’n happy song is, waarbij je het uitschreeuwt van ‘contentement’ en dat zou dan mijn reactie zijn. Maanden gingen voorbij… Als ik de knul dan al eens zag, dan was het met een ander meisje aan zijn zij. Een jaar ging voorbij, twee jaar,… En totaal onverwacht, komen we op café elkaar terug tegen, geraken aan de praat en wat zegt de jongen??? Dat het hem zo spijt van zoveel tijd terug, dat hij beter bij mij was gebleven en of ik hem alsjeblie-ie-ieft nog terug wil. Euh,… wablief? Goh, ja zeker? Met een minimum aan enthousiasme, want andere (en zogezegd betere) waren al op de proppen gekomen. Toch ben ik thuis meteen “Brand new day” gaan opleggen – maar het alles overheersende ‘geluksgevoel’ bleef uit. En nee, het heeft niet lang meer geduurd.

Maar nu word ik nog steeds enorm vrolijk van dit nummer!

 

1980: Pink Floyd, The Wall

Elk jaar organiseerde het zesde middelbaar van mijn school een namiddag vol optredens. Je mocht groepjes samen stellen om iets te brengen, een soort vrij podium dus, maar telkens wel binnen een thema. Geen idee meer wat het thema was van dat jaar. Maar met de afdeling “Jazzdans” zouden we een dansnummer brengen, modern op de tonen van The Wall. We hadden nog maar amper Engelse les gekregen en snapten de ballen van de tekst, maar iedereen zong altijd maar heel enthousiast mee met “We don’t need no education – We dont need no thought control – No dark sarcasm in the classroom – Teachers leave them kids alone” – dus zongen wij vrolijk mee.

Toen enkele leerkrachten onze muziekkeuze te horen kregen, werd er een veto gesteld. We mochten dansen maar op allesbehalve dit nummer. De tekst paste niet binnen de schoolmuren, zo klonk het. Verboden liedje! Dan gingen we maar niét dansen. Ik herinner mij de afloop niet meer, maar het was een hele hetze en ik snapte er niks van. Was net zoals mijn medeleerlingen zéér verbolgen. En terecht.

De film had ik toen nog niet gezien, maar ik kocht wel de LP met de soundtrack. Naarmate ik ouder werd, begon ik steeds meer te snappen wat die katholieke leerkrachten tegen dit nummer hadden. Maar nog steeds vind ik het onrechtvaardig. Hey! Teachers! Leave them kids alone!

 

1981: The Kinks, Lola

Ook weer zo’n nummer dat ik fonetisch meebrulde. Nu ja, aan de tekst “Lo-la, lo-lo-lo-lo-lola!” valt weinig te snappen, maar tegen dat ik doorhad dat het lied over travestieten ging en dat de zanger niet wist dat hij met een man aan het flikflooien was, was ik toch al véle jaren ouder. Ik vond Ray Davies wel iets hebben. Lola bestond al langer, het nummer kwam uit in 1970 maar het was de live-versie die in 1981 een enorme hit werd. Ook dit nummer werd van sommige radiostations geband, omdat het zo controversieel was. Nog nooit eerder was travestie een onderwerp in een popliedje.

 

1982: Men at work, Down under

In dit jaar had ik mijn eerste vriendje, mijn eerste liefdesverdriet, en danste ik één van de eerste slows met ik-weet-al-niet-meer-wie. Toch is het dit liedje dat me altijd terug brengt naar 1982. Know-it-alls zullen zeggen, ja maar het is al uitgebracht in 1981, maar het stond hier in de hitlijsten in 1982. Dat weet ik honderd procent zeker want dat allereerste vriendje was een grote fan van dit nummer. Ik leerde hem kennen door de Joepie, jawel. Tiny zette een advertentie en hij reageerde. Na drie maanden alle dagen schrijven, spraken we af op de kermis en boem, ’t was panne. Het heeft drie weken geduurd. Ik heb hem nog één keer gezien daarna, maar dit nummer doet me altijd aan hem denken.

De videoclip vind ik nog steeds hilarisch maar in 1982 had ik echt geen flauw benul dat het over Australië ging, ik wist ook niks over dat land. Nu lees ik dat ze hiermee Australië wilden ‘verkopen’ maar ook duidelijk maken dat het land zijn ‘spirit’ aan het verliezen was, aan de rijken die alles wilden inpalmen. Allez vooruit. Het is gewoon een lollig liedje, zullen we het daarop houden?

 

Lees hier deel 2: Tiny telt af, 1973-1977

Lees hier deel 1: Tiny telt af, 1968-1972

Tiny telt af, deel 2: 1973 – 1977

Over negen weken word ik vijftig. Ik kan het zelf bijna niet geloven dat ik al een halve eeuw hier mee draai, en dat ik al van alles overleefd en beleefd heb. De grote rode draad doorheen mijn leven is muziek, daarom deze reeks. Ik tel af (of op) per vijf levensjaren en deel voor elk jaar een nummer uit die tijd, die voor mij op een of andere manier iets heeft betekent.

Als je mij kende tijdens één of meerdere periodes, kom je misschien jezelf nog tegen. 🙂

Want muziek heeft voor mij erg veel te maken met mensen, en de herinneringen die er bij horen.

1973: Ria Valk, Moeder, wat ben ik bang

Oh ja, heel veel in het Nederlands. Als kind luister je toch liever naar liedjes in een taal die je verstaat en als het dan nog een beetje grappig was en je je kon inleven, dan was je al snel verkocht. Ergens heb ik nog een geluidsopname van een stuk of vijf jonge kindjes (mezelf incluis) die dit liedje meezingen. Ria Valk was samen met Corry Van Gorp de eerste vrouw die ik grappig vond op televisie. Het nummer werd trouwens geschreven door Peter Koelewijn.

 

1974: Koor van Hamelen, Gejaagd door de wind

Van 1972 tot 1976 liep op de Nederlandse televisie de kinderserie “Kunt u mij de weg naar Hamelen vertellen, mijnheer?“. De perfecte serie voor mij als kind, er was trouwens niet veel op tv voor kinderen in die tijd, alleen op zaterdagmiddag. Mijn moeder vond de serie ook fantastisch, niet in het minst omdat ze fan was van Rob De Nijs, één van de acteurs in de serie. We kochten de drie LP’s van de serie en tot op heden ken ik nog steeds elk liedje er van uit mijn hoofd. Dit is er eentje uit 1974, erg mooi en amper gekend.

1975: Alexander Curly, Guus 

Okee, ook dit is niet meteen een muzikale hoogvlieger maar als zevenjarige vond ik dit een schitterend en hilarisch nummer. Mijn opa had een boerderij en dat sprak nogal tot de verbeelding, denk ik. Ook het aparte dialect vond ik fantastisch en ik probeerde het zo goed mogelijk na te doen. Thuis luisterden wij vooral naar de Hollandse Hilversum 3, en keken naar muziekprogramma’s zoals ‘Op volle toeren’ en later ook TopPop natuurlijk.

 

1976: Brotherhood of man, Save your kisses for me

Wellicht mocht ik toen nog niet opblijven voor het Eurovisie Songfestival maar ik herinner mij nog heel goed, hoe we op de speelplaats de pasjes nadeden van het toen winnende liedje. Waarover het nummer ging, en de twist op het einde, dat ging volledig aan mij voorbij, maar iedereen die ik kende, zong het luidkeels mee.

 

 

1977: Rob De Nijs, Het werd zomer

Ondertussen weet iedereen dat ik als kind en prille tiener grote fan was van Rob De Nijs. Ik overtuigde mijn vriendin van zijn kunnen en samen kweelden we alle liedjes mee. We maakten zelfs een alternatieve versie van zijn grote hit ‘Het werd zomer’. 

… en ik at bloedworst, midden in de winter, en ik dronk er een pintje bier bij-ij-ij…

 

Lees hier deel 1: Tiny telt af 1968 – 1972