politiek

Tiny heeft ook een mening

Terwijl ik dit schrijf met alle vensters dicht, rolluiken naar beneden en een glas fris water naast mij, hoor ik de buren in hun zwemvijver plonzen. Gelijk hebben ze.

’t Is warm ja. Vorig jaar in Dranouter was het ook warm en waren wij geschokt van de vele agressieve opstootjes onder jongeren en minder-jongeren die gewoon veel te veel alcohol hadden gedronken in plaats van water. Je moet veel drinken bij warm weer, zeggen ze, maar vaak vergeet men dat dit best geen grote hoeveelheid alcohol zou zijn.

We waren even geschokt van de vele niet-agressieve jongeren (bijna kinderen nog) die laveloos op het gras lagen en geen stap meer konden zetten. Alcohol.

Maar dat mag allemaal, dat kan gewoon overal. Alcoholverbruik zit in ons Belgisch DNA, ik schreef er al vaker over en ja, ik drink ook graag eens een wijntje.

Maar nu. Vorige week ging ik naar de zee, ik schreef er over, en het viel allemaal wel mee want het was nog op een weekdag en op een relatief kalm strand. Enkele dagen later gebeurde er van alles in Blankenberge: de vloed kwam op, wat blijkbaar velen verraste, en er was ineens bijna geen plaats meer op het strand. Mondkapjesplicht bleek voor een hoop mensen ineens té veel gevraagd, beleefdheid ook en er werd gevochten dat het niet mooi meer was. Alcohol. Hittegolf. Drukte. Een mens zou van minder agressief worden, maar ik zal het totaal niet goed praten.

Vervolg.

Op mijn Facebook tijdlijn staat het ook vol met “Sound of silence”. Niet het schitterende nummer van Simon & Garfunkel, maar een statement om de cultuursector te steunen. Ik sta er volledig achter maar ik vrees dat mijn profielfoto veranderen weinig nut zal hebben. Maar doe gerust.

Helaas heb ik blijkbaar ook een aantal “vrienden”, noem het “kennissen” of mensen die ik in de loop van mijn leven al eens tegen het lijf liep. Sommigen heb ik een periode redelijk goed gekend, anderen maar kort. Sommigen lezen hier mee, anderen hebben geen idee van deze blog. Van sommigen weet ik dat hun politieke voorkeur linea recta indruist tegen mijn persoonlijke normen en waarden, maar weet je: ik ben vooral een humanist, elk mens is evenwaardig en heeft recht op zijn mening. Zij dus ook.

Maar jongens (en meisjes!!), ik heb het gehad hoor. Met jullie ongezouten en soms ongenuanceerde mening over de gebeurtenissen in Blankenberge. Met jullie uitspraken als “Ik ben geen racist maar…”.  Ik heb het gehad met domme foto’s en cartoons die ronduit wél racistisch zijn. Ik word er soms onpasselijk van, en neem dat gerust letterlijk, die kotsneigingen.

Ik reageer er niet op. Ik verwijder jullie niet als vriend. Want gek genoeg, en dat is hetgeen wat ik soms totaal niet begrijp: zijn jullie eigenlijk echt wel lief en aardig en grappig en niet eens zo dom. Jullie hebben een gezin en tonen vaak hoeveel jullie van ze houden. Jullie hebben ook al zwarte sneeuw gezien. Sommigen hebben mij al vaak eens geholpen met iets. Of steun betuigd. Dus jullie zijn geen on-mensen.

Maar op één vlak komen we niet overeen. Als je nog een Netflix-tip wil, kijk eens naar Stateless. Opgepast, ’t gaat over asielzoekers. Maar ook over vooroordelen. EN over menselijkheid. En ook over psychische ziektes.

Ik heb een achternichtje in de Antwerpse Kempen, zij heeft net een kindje gekregen. Ze is samen met een (enorm knappe) donkere man. Ik citeer even haar cartoon van gisteren (want daar komt het in de praktijk vaak wel op neer – wie wordt er geviseerd?):

Schermafbeelding 2020-08-11 om 16.43.35

De West-Vlamingen zullen het ook wel verstaan zeker?

Die “vrienden”, ik ga ze eerst eens 30 dagen snoozen op Facebook, dan zie ik het niet meer en ga ik me minder ergeren. En dan zien we wel weer verder.

Tiny kiest

Toen ik 17 was en nog niet mocht stemmen, heb ik op die 13e oktober 1985 wel alle kiesbureau’s van Brugge bezocht. Destijds had ik een lief bij Alpenradio, die zeer actief was als journalist in spé. We hadden het plan om een peiling te doen tijdens de verkiezingsochtend en vroegen tal van mensen of ze anoniem wilden vertellen op wie ze gingen stemmen. Al die briefjes werden ’s middags geteld en zo hadden wij een behoorlijk goeie peiling van wat er in Brugge leefde. Héél interessant. In de weken voor die verkiezingen hielden wij op de radio debatten met de grote ankers van Brugge (de enige die ik me nog herinner van toen, is P. Vandendriessche, toen nog een jonge twintiger met blond baardje).  Méér over de redactie van Alpenradio.

Nee, ik deed niet mee aan dat debat, het was dat lief die dat in goeie banen leidde. Ik luisterde gewoon en hield er stilletjes mijn eigen mening op na.

pic9

De microkamer, waar debatten werden gevoerd bij Alpenradio.

Zoveel jaren later, in 2007 denk ik, schrik ik me te pletter omdat ik op een kieslijst een naam herken. En het was niet op een lijst waar ik voor zou stemmen. Integendeel. Extremer kon niet en ik had dat nooit verwacht van die vriend. We konden altijd overal héél goed over praten, uitgenomen over politiek. Onze meningen konden niet verder van elkaar staan. Ik ben hem dan eens tegengekomen op de markt, al zwaaiend met verkiezingsfolders en ik ben er met grote schaamte van weggelopen omdat ik niet geassocieerd wou worden met die partij.

Ik heb ook eens “mogen” gaan zitten als bijzitter, of hoe heet dat? Eigenlijk vond ik dat wel tof: je ziet eens al de mensen uit je regio voorbij komen.

Nu woon ik in Wevelgem: ik ken hier geen kat en dus ook niemand van de lijsten. In Brugge ken ik er bij zowat elke partij wel een paar: oude kennissen, een collega, schoolgenoten, mede-vrijwilligers,…

Mijn zoon moet ook voor de eerste keer gaan stemmen. Zijn mening is duidelijk en zelfs zonder dat ik hem hier ooit in gestimuleerd of beïnvloed heb, stemt hij behoorlijk gelijk met mij. Sinds kort woont hij officieel in Brugge, maar hij moet nog komen stemmen in Wevelgem omdat zijn domicilie in augustus nog hier was. En moet je nu eens iets weten: er rijdt op zondag geen rechtstreekse trein meer tussen Brugge en Kortrijk. Erg hé! Welke politieker gaat dat eens veranderen, alstublieft dankuwel?

Enfin, ik weet voor wie ik ga stemmen. Sowieso vrouwelijk. En ik stem met mijn hart. En ik ga niet in discussie. 😉

Tiny houdt zich in

Eerst en vooral: iedereen heeft recht op een eigen mening. Laat dat duidelijk zijn voor ik met mijn uitleg begin.

Toen ik in augustus 2014 met deze blog begon, had ik twee principes vastgelegd waar ik niet van af zou wijken: géén (herkenbare) foto’s van mezelf en géén politiek.

Ik laat mij dus niet uit over Brexit, Trump, de vluchtelingencrisis enzovoort. Wat niet wil zeggen dat ik geen mening heb, natuurlijk. Maar ik heb niet het talent om daar over te argumenteren, mijn kennis is beperkt, en ik haat politieke discussies.

Maar toch. Soms moet ik op mijn tong bijten. Of beter gezegd: op mijn handen gaan zitten om niet te reageren op een bericht dat ik lees. Ik schreef al eerder een lofzang op Facebook en ben mij erg bewust van de kracht van sociale media. Wat je op Facebook zet, bepaalt grotendeels wat ‘men’ van je vindt. Zolang het blijft gaan om domme mopjes, foto’s van je baby, je kleinkinderen, je huisdieren of wat je gaat opeten, over je reizen, je uitstapjes of je dansmoves,… blijft het onschuldig en leuk.

Andere mensen kunnen het niet laten om hun mening te uiten over allerlei wereldgebeurtenissen, politieke situaties, crisissen,… Ik lees soms een bericht en ben dan vaker geschokt door de reacties die er op komen dan door het bericht zelf. Iemand die een artikel deelt, waarop dan ronduit vijandige reacties van het ‘andere kamp’ komen. Zo erg!

Ettelijke jaren geleden heb ik al eens een artikeltje geschreven naar aanleiding van de nakende verkiezingen, dat ik nooit heb gepubliceerd. Toen was ik ook erg geschrokken om iemand te zien bij één bepaalde partij. Maar kom, tot daar, we gingen er niet meer over spreken.

Maar dan opeens lees je weer iets op Facebook, wordt er weer een bepaald nieuwsartikel gedeeld, en is het echt “in your face”-book. Wat doe ik dan? Ik roep eens luid, ik erger me rot, ik lig er zelfs een tijdje wakker van. De volgende morgen sta ik op de loopband, heb energie voor tien als ik er weer aan denk en kwaad wordt en ik loop me te pletter en het doet nog deugd ook. Ik kan me niet concentreren op een podcast-verhaal maar heb muziek nodig. Luid en met veel ritme. Lópen ga je! Op dit nummer, totaal naast het thema hoor:

 

Kan dat, voor jullie, vrienden hebben die je enorm respecteert en waardeert, waar je héél veel zou voor doen, maar die toch een compleet andere politieke mening hebben dan jij? Kunnen jullie je daar over zetten?