politiek

Tiny en de angst

Toontje Lager, een Nederlandse groep met dit nummer uit 1982, ik kan het nog woord voor woord meezingen, ik was mega fan.

“Ben jij ook zo bang dat alles automatisch wordt, dat je geen eten krijgt maar pillen op je bord? Dat men als het nodig is, alles van je weet….”

Wat een voorspelling!

Maar wat ik me inderdaad afvraag, is iedereen zo bang tegenwoordig? En was dit inderdaad in de jaren tachtig ook al zo? We waren toen bang van “De Bom!”, die elk ogenblik kon vallen. Van kernwapens in het algemeen, van een derde wereldoorlog, van AIDS,…

En nu:

  • bang voor COVID (want vooral in 2020 hoorden we veel te veel berichten over veel te veel mensen die stierven aan een zogezegd “virusje”, en eind 2021 was weer iedereen panisch vanwege de Omikron-variant. Zelfs na drie boosterprikken.
  • bang voor de inval van Rusland in Oekraïne. Zelfs al is dit een ver van mijn bed show, toch staan de kranten er vol van en zie je reportages op televisie van jonge kinderen die bang zijn en die zelfs niet meer buiten mogen spelen.
  • bang voor de storm Eunice die vandaag over ons land zal razen
  • bang voor een vrijheidskonvooi – of welke naam gaven ze er ook al weer aan – die heel Brussel lam ging leggen?
  • bang voor de regen die weer straten blank zou kunnen zetten en hele dorpen doen onderlopen zoals in juli 2021?
  • bang om te reizen naar vreemde landen, want welke documenten heb je dan niet allemaal nodig en welke maatregelen zijn er waar?
  • bang voor mensen die te dicht op elkaar lopen/zitten
  • bang voor eenzaamheid omdat je je vrienden te weinig ziet
  • bang voor de mentale gezondheid van jezelf, je kind,…

Zo kan ik nog wel even doorgaan.
Vele angsten zijn misschien gegrond, maar ik vraag me af: worden er niet heel veel angsten ons aangepraat? Soms is het nieuwsbericht één lange aaneenschakeling van onheilspellende berichten, alsof we er morgen allemaal aan gaan.

Ik blijf vaak mijn mantra herhalen:

IK BEN OKEE, MIJN GELIEFDEN ZIJN OKEE, WE ZIJN GEZOND EN WE ADEMEN NOG.

Angst wordt ons al vroeg aangeleerd, ik ken nog altijd dit liedje over Roodkapje, maar eigenlijk vooral over bang zijn:

Zeg roodkapje waar ga je heen
Zo alleen, zo alleen
Zeg Roodkapje waar ga je heen
Zo alleen

Ik ga bij grootmoeder koekjes brengen 
In het bos, in het bos
Ik ga bij grootmoeder koekjes brengen 
In het bos

In het bos wonen de wilde dieren
In het bos, in het bos
In het bos wonen de wilde dieren
In het bos

Ik ben niet bang voor de wilde dieren
Ben niet bang, ben niet bang
Ben niet bang voor de wilde dieren
Ben niet bang

Pas maar op daar komt de wolf
Pas maar op, pas maar op
Pas maar op daar komt de wolf
Pas maar op…

Tiny heeft ook een mening

Terwijl ik dit schrijf met alle vensters dicht, rolluiken naar beneden en een glas fris water naast mij, hoor ik de buren in hun zwemvijver plonzen. Gelijk hebben ze.

’t Is warm ja. Vorig jaar in Dranouter was het ook warm en waren wij geschokt van de vele agressieve opstootjes onder jongeren en minder-jongeren die gewoon veel te veel alcohol hadden gedronken in plaats van water. Je moet veel drinken bij warm weer, zeggen ze, maar vaak vergeet men dat dit best geen grote hoeveelheid alcohol zou zijn.

We waren even geschokt van de vele niet-agressieve jongeren (bijna kinderen nog) die laveloos op het gras lagen en geen stap meer konden zetten. Alcohol.

Maar dat mag allemaal, dat kan gewoon overal. Alcoholverbruik zit in ons Belgisch DNA, ik schreef er al vaker over en ja, ik drink ook graag eens een wijntje.

Maar nu. Vorige week ging ik naar de zee, ik schreef er over, en het viel allemaal wel mee want het was nog op een weekdag en op een relatief kalm strand. Enkele dagen later gebeurde er van alles in Blankenberge: de vloed kwam op, wat blijkbaar velen verraste, en er was ineens bijna geen plaats meer op het strand. Mondkapjesplicht bleek voor een hoop mensen ineens té veel gevraagd, beleefdheid ook en er werd gevochten dat het niet mooi meer was. Alcohol. Hittegolf. Drukte. Een mens zou van minder agressief worden, maar ik zal het totaal niet goed praten.

Vervolg.

Op mijn Facebook tijdlijn staat het ook vol met “Sound of silence”. Niet het schitterende nummer van Simon & Garfunkel, maar een statement om de cultuursector te steunen. Ik sta er volledig achter maar ik vrees dat mijn profielfoto veranderen weinig nut zal hebben. Maar doe gerust.

Helaas heb ik blijkbaar ook een aantal “vrienden”, noem het “kennissen” of mensen die ik in de loop van mijn leven al eens tegen het lijf liep. Sommigen heb ik een periode redelijk goed gekend, anderen maar kort. Sommigen lezen hier mee, anderen hebben geen idee van deze blog. Van sommigen weet ik dat hun politieke voorkeur linea recta indruist tegen mijn persoonlijke normen en waarden, maar weet je: ik ben vooral een humanist, elk mens is evenwaardig en heeft recht op zijn mening. Zij dus ook.

Maar jongens (en meisjes!!), ik heb het gehad hoor. Met jullie ongezouten en soms ongenuanceerde mening over de gebeurtenissen in Blankenberge. Met jullie uitspraken als “Ik ben geen racist maar…”.  Ik heb het gehad met domme foto’s en cartoons die ronduit wél racistisch zijn. Ik word er soms onpasselijk van, en neem dat gerust letterlijk, die kotsneigingen.

Ik reageer er niet op. Ik verwijder jullie niet als vriend. Want gek genoeg, en dat is hetgeen wat ik soms totaal niet begrijp: zijn jullie eigenlijk echt wel lief en aardig en grappig en niet eens zo dom. Jullie hebben een gezin en tonen vaak hoeveel jullie van ze houden. Jullie hebben ook al zwarte sneeuw gezien. Sommigen hebben mij al vaak eens geholpen met iets. Of steun betuigd. Dus jullie zijn geen on-mensen.

Maar op één vlak komen we niet overeen. Als je nog een Netflix-tip wil, kijk eens naar Stateless. Opgepast, ’t gaat over asielzoekers. Maar ook over vooroordelen. EN over menselijkheid. En ook over psychische ziektes.

Ik heb een achternichtje in de Antwerpse Kempen, zij heeft net een kindje gekregen. Ze is samen met een (enorm knappe) donkere man. Ik citeer even haar cartoon van gisteren (want daar komt het in de praktijk vaak wel op neer – wie wordt er geviseerd?):

Schermafbeelding 2020-08-11 om 16.43.35

De West-Vlamingen zullen het ook wel verstaan zeker?

Die “vrienden”, ik ga ze eerst eens 30 dagen snoozen op Facebook, dan zie ik het niet meer en ga ik me minder ergeren. En dan zien we wel weer verder.

Tiny kiest

Toen ik 17 was en nog niet mocht stemmen, heb ik op die 13e oktober 1985 wel alle kiesbureau’s van Brugge bezocht. Destijds had ik een lief bij Alpenradio, die zeer actief was als journalist in spé. We hadden het plan om een peiling te doen tijdens de verkiezingsochtend en vroegen tal van mensen of ze anoniem wilden vertellen op wie ze gingen stemmen. Al die briefjes werden ’s middags geteld en zo hadden wij een behoorlijk goeie peiling van wat er in Brugge leefde. Héél interessant. In de weken voor die verkiezingen hielden wij op de radio debatten met de grote ankers van Brugge (de enige die ik me nog herinner van toen, is P. Vandendriessche, toen nog een jonge twintiger met blond baardje).  Méér over de redactie van Alpenradio.

Nee, ik deed niet mee aan dat debat, het was dat lief die dat in goeie banen leidde. Ik luisterde gewoon en hield er stilletjes mijn eigen mening op na.

pic9

De microkamer, waar debatten werden gevoerd bij Alpenradio.

Zoveel jaren later, in 2007 denk ik, schrik ik me te pletter omdat ik op een kieslijst een naam herken. En het was niet op een lijst waar ik voor zou stemmen. Integendeel. Extremer kon niet en ik had dat nooit verwacht van die vriend. We konden altijd overal héél goed over praten, uitgenomen over politiek. Onze meningen konden niet verder van elkaar staan. Ik ben hem dan eens tegengekomen op de markt, al zwaaiend met verkiezingsfolders en ik ben er met grote schaamte van weggelopen omdat ik niet geassocieerd wou worden met die partij.

Ik heb ook eens “mogen” gaan zitten als bijzitter, of hoe heet dat? Eigenlijk vond ik dat wel tof: je ziet eens al de mensen uit je regio voorbij komen.

Nu woon ik in Wevelgem: ik ken hier geen kat en dus ook niemand van de lijsten. In Brugge ken ik er bij zowat elke partij wel een paar: oude kennissen, een collega, schoolgenoten, mede-vrijwilligers,…

Mijn zoon moet ook voor de eerste keer gaan stemmen. Zijn mening is duidelijk en zelfs zonder dat ik hem hier ooit in gestimuleerd of beïnvloed heb, stemt hij behoorlijk gelijk met mij. Sinds kort woont hij officieel in Brugge, maar hij moet nog komen stemmen in Wevelgem omdat zijn domicilie in augustus nog hier was. En moet je nu eens iets weten: er rijdt op zondag geen rechtstreekse trein meer tussen Brugge en Kortrijk. Erg hé! Welke politieker gaat dat eens veranderen, alstublieft dankuwel?

Enfin, ik weet voor wie ik ga stemmen. Sowieso vrouwelijk. En ik stem met mijn hart. En ik ga niet in discussie. 😉