geluk

Tiny en de moderne eenzaamheid

 

FullSizeRender (3)

Gezellig rond de tafel zitten, de kinderen vinden het maar saai. Eigenlijk vind ik dat ook vaak. Tenzij je dat met mensen kan doen die je niet vaak ziet en met wie je maar niet uitgepraat raakt.

Maar waar zijn al die mensen? Waar zijn die vierhonderd “vrienden” op Facebook? Als je alles al hebt gezegd tegen je lief of je gezin, en als je eens wil zagen tegen vrienden van vroeger of van straks. Wie stuurt er nog een sms naar iemand die je al lang niet meer hebt gehoord, gewoon om te vragen hoe het is? Ik geef toe, zelf doe ik dat ook niet vaak.

Eenzaamheid zit niet meer in een klein hoekje tegenwoordig, het is overal. Iedereen zit maar op een kluitje, toont aan de wereld hoe leuk ze het hebben, via Instagram, Twitter of Facebook en toch zijn we de grote helft van onze vrije tijd alleen. We kunnen urenlang bingewatchen, hoera er is Netflix en ja, het is heerlijk luisteren naar podcasts en oh wat lezen we veel boeken, kijk maar op Goodreads. Sociale media zijn misschien niet zo sociaal als we denken.

En ja ik ben inderdaad een introvert, die graag alleen is, maar soms wil ik wel eens wat meer interactie. Wil ik wel eens een avondje zagen en klagen tegen een vriend of vriendin die me weer met mijn voetjes op de grond zet. Die me misschien goeie raad geeft die al honderd keer tegen me is gezegd, maar die het ook niet beter weet. Die lacht en zegt dat we twee oude dozen zijn die nu al zeggen dat het vroeger beter was.

Ik mis de tijd van de Free Hugs en het Couchsurfen. Misschien soms te oppervlakkig maar de grote hoeveelheid sociale interactie deed mij ook deugd en plaatste mijn zelfvertrouwen terug op een hoger vuurtje. Het was natuurlijk ook in een tijd dat ik single was en op die manier veel andere gelijkgestemden ontmoette.

Ik mis Brugge, maar misschien heb ik daar ook een verkeerd idee over. Vroeger kwam ik altijd wel bekenden tegen, nu lijkt het of iedereen altijd binnen blijft zitten.

Ik mis soms de oude tijd van het brieven schrijven. Toen ik het niet kon gezegd krijgen, schreef ik het wel op. En als ik geluk had, kreeg ik post terug van een gelijkgestemde ziel.

Toen ik nog geen auto had en afhankelijk was van mijn fiets of het openbaar vervoer, zag ik meer vrienden dan nu, nu ik kan gaan en staan waar en wanneer ik wil. Alles moet gepland. Alle afspraken moet je weken van tevoren maken. Niemand loopt nog zomaar ergens binnen.

Waarom gaat deze blog zo vaak over het verleden? Over mijn melancholie naar vroeger tijden, naar wat ik meemaakte toen ik “jong” was? Is mijn leven nu dan zo saai?

De meerderheid vindt vast dat ik geen recht van spreken heb, dat ik toch alles kan doen wat ik wil, dat ik het er zelf naar kan maken. Dat ik toch allerlei hobby’s heb? Hobby’s? Ik braak al van het woord alleen. En dat ik regelmatig op reis ga? Het is nooit genoeg, zo lijkt het wel.

Vroeger dacht ik altijd, later als ik groot ben, spring ik gewoon binnen bij een vriendin en zij bij mij, om een koffietje te drinken en te praten over “de kinders”. Nu moet ik ze met een vergrootglas eerst gaan zoeken om daarna hemel en aarde te bewegen om eens te kunnen afspreken.

Vroeger was het beter. Of niet?

Advertenties

Tiny en haar innerlijke hippie

Als je een opleiding volgde in de sociale sector, werd je al een beetje gezien als een would-be hippie. In de jaren zeventig hadden alle opvoeders lang haar en een baard, rookten joints en filosofeerden urenlang over van alles. Toen ik studeerde, was dat al enigszins veranderd, maar het filosoferen bleef. Soms had ik de indruk van een andere planeet te komen, als ik in het weekend uitging met vriendinnen die economie of Germaanse studeerden.

Nu ik al een jaar of vijftien bij een eerder commerciële firma werk, bezig ben met computers, smartphones en fotografie, lijkt dat filosoferen iets van heel lang geleden. De gesprekken over gedachten en gevoelens ebden weg, tenzij hier en daar met een collega die er ook voor open staat, of met een vriend die ook met spiritualiteit en yoga bezig is. Ik raak nogal snel geïnspireerd en de ideeën die mij aanstaan, zuig ik op als een spons.

Toch erger ik me soms aan het zweverige bij sommige mensen. Je kan er ook te ver in gaan en denken dat iedereen bezig is met zelfontplooiing, verbindingen tussen hemel en aarde, reflectie, ontmoetingen, of chakra-toestanden. Tijdens de cursus yoga/massage in Orval heb ik toch af en toe met mijn ogen gerold.

  • Sluit je ogen en kijk naar je hart (niet makkelijk!)
  • We doen de kinderzonnegroet: “… we maken ons lang, we zijn niet bang, we maken ons klein, want dat is fijn, ik rek en strek, yoga is te gek!” (Oh. My. God.)
  • Buig van links naar rechts en van voor naar achter en zeg volgende zin: “Saa… taa… naa… maa” (Ik dacht alleen maar aan Satan… kon de bedoeling niet zijn!)
  • adem vanuit je centrum
  • we zoeken onze innerlijke glimlach
  • als afsluiter dansen we de vijf ritmes (dansen op commando, néé toch?)
  • we nemen afscheid met een knuffelcirkel en geven en ontvangen van iedereen een knuffel, weigeren mag ook als je je daar niet goed bij voelt (ok, ik heb nog Free Hugs georganiseerd, maar een knuffelcirkel???)

Toch vond ik mijn innerlijke hippie terug:

  • praten met mensen die je oprecht complimenten geven
  • het mooie zien in iemand die je eigenlijk niet kent
  • ik sta nog altijd open voor anderen zonder vooroordeel
  • op mijn eentje mijn eigen yogaflow doen in een grote mooie yogatempel
  • na elke massage mezelf gemeend namaste horen zeggen tegen de anderen (Namaste betekent ik buig voor jou)
  • als afsluiter die vijf ritmes dansen, mij in het zweet werken en me als een gek amuseren
  • horen dat we een knuffelcirkel gaan doen (en even met mijn ogen draaien) en drie knuffels later staan janken van emotie
  • na drie dagen in de spiegel kijken en zien dat ik sta te glimlachen naar mezelf

DSC_0073-2

En een stukje uit mijn favoriete hippie-film en musical, Hair:

Tiny vliegt (parapente)

Niet dat ik het op mijn bucketlist had staan (die heb ik namelijk niet), maar hoe meer ik er over nadacht, hoe liever ik het wou doen. Nooit van mijn leven ga ik uit een vliegtuig springen met een parachute en de kick van 10 seconden bungeejumpen laat ik ook aan mij voorbij gaan.

Maar dit, parapente, zag ik zitten. Ja, ikke, met mijn hoogtevrees. Ikke, die op een laddertje staan al eng vind. Ikke, die vorig jaar in Oostenrijk nog bijna in mijn broek deed op de zetellift.

Van een berg lopen en beginnen zweven, vraag me niet waarom, maar dat vond ik wel okee. Dus belde ik naar Daniël in Zinal, waar we logeerden in Zwitserland en we spraken meteen af voor de dag er na, om 11u aan de telecabine in Zinal. Dus de straat oversteken aan het hotel en ik was er.

Hij bleek een toffe, joviale oudere kerel en ik had er direct vertrouwen in. Wij dus naar boven, op de Sorebois, we lopen vijftig meter verder naar een Alpenweide en daar ging het zo:

IMG_7541

Daniël haalde zeil en gareel uit zijn rugzak…

IMG_7542

… legde alles minutieus klaar en stak mij in harnas plus helm…

DSC_0455

Duurt dat hier nog lang, of hoe zit ‘t? 😉

DSC_0460

en zei: “Tiny, tu cours et tu cours et c’est tout.” Dus ik liep recht vooruit en…

IMG_7543

…floep, de berg af…

DSC_0462

 

IMG_7547

… en ik zweefde.

Eenmaal in de lucht mocht ik me op mijn gemak achteruit laten leunen, net alsof ik in een zetel zat. Incroyable. Magnifique. En geen sikkepitje hoogtevrees. Fantastisch.

De landing, na twintig minuten rustig zweven, was ook simpel: gewoon je op je zij laten rollen in het gras. Piece of cake. Morceau de tarte.

Kwanta kosta? 150 CHF, absoluut de moeite waard. Als ik op een andere locatie nog eens die kans krijg, ik spring zò weer van een berg. Zot hé?

DSC_0465