cijfers

Tiny is de 40 (al lang) gepasseerd

Een vriendin die dit jaar veertig wordt, stuurde mij een paar vragen om eens over na te denken, als veertigplusser. Nee nee, ik ga niet verklappen over wie het gaat (maar ze blogt, dus grote kans dat je het al raadt) en ik ga ook niks zeggen over die vragen en al zeker niet over mijn antwoorden. Die komen later bij haar wel aan bod.

Maar het deed me terug denken aan de periode waarin ik veertig werd. Ik zei haar dat ik de grootste moeite had met dat getal. 40. Dat ik vaak mijn werkelijke leeftijd niet wou verklappen. Tussen mijn 38 en 48 was ik heel druk bezig met Couchsurfing, ontmoette ik reizigers met gemeenschappelijke interesses aan de lopende band en héél vaak waren die een héél stuk jonger. Zie Tiny en de Australiër, om er eentje te noemen. Op dat Couchsurfing-profiel verborg ik mijn ware leeftijd, want vaak gingen reizigers op zoek enkel naar mensen van hun eigen leeftijd en viel ik te veel uit de boot. Sommigen waren ook gewoon té nieuwsgierig, dus schreef ik vaak dat ik 103 jaar oud was. De één zag er de humor van in, de ander vond het belachelijk en de meesten zeiden: “Oh but you don’t look a year older than 100!”. Hahaha.

Ik wou geen feest voor mijn veertigste, absoluut niet. Dus organiseerde ik er eentje toen ik 39 werd. Schot in de roos. Veel feestvierders, geen haan die kraaide naar mijn leeftijd, want PARTY-time!!! Zaaltje gehuurd, samen met een nog een jarige, veel kadootjes, veel goeie muziek, veel gedanst, kortom: een fantastische avond.

Het jaar daarna, toen ik effectief veertig werd, wisten dit maar héél weinig mensen. Mijn goeie vrienden hadden door dat ik geen gedoe wou, geen kaartjes met schreeuwerige “40” er op, geen feest (want dat was al goed geweest het jaar ervoor). Mijn beste vriend op dat moment deed me een voorstel: “Als we nu eens gewoon bij de Indiër gaan eten, de avond van je verjaardag? Ik trakteer! En daarna gaan we nog eentje drinken in ’t stad.” Wat een fantastisch plan. Heerlijk. Ik was single, had geen zin in veel andere dingen, dus ik ging akkoord.

Die avond, rustig in het restaurant: een lekkere maaltijd en was het gezellig…? Hmm. Mijn tafelgenoot was voor mijn gevoel érg veel bezig met zijn gsm. Hij zei iets over een mogelijke love intrest, maar ging er niet verder op in. En toen we na de maaltijd nog ergens iets wilden gaan drinken, wou hij per se nog eerst naar zijn huis, want hij was zijn sigaretten vergeten. Ik herinner me nog dat ik me ergerde, kon hij nu niet eens één avond zonder die stinkstokjes? Maar ik liep mee, ’t was niet ver. Hij leek een beetje nerveus, ik dacht vanwege zijn tabaksverslaving, maar toen we in zijn donkere keuken kwamen en hij het licht aanknipte, stond daar ineens een tiental man te zingen! Voor mij! Surprise!

En ja, het klopt, ik heb altijd gezegd: dat lukt niemand om voor mij een surprise avond te regelen, want ik heb dat altijd door, maar dit had ik totààl niet door en ik vond het super. Gelukkig waren we met niet zo veel, allemaal lieve mensen en zijn we alsnog een klein feestje gaan vieren in de stad. Onverwacht toch nog héél gezellig dus.

Ik denk er met veel plezier en dankbaarheid aan terug.

Foto door lawe filips op Pexels.com

Tiny is bijna klaar en geeft antwoorden

Katrien van Perfect Imperfect was de afgelopen 38 dagen de enige zot die mee deed met deze veertig dagen bloggen challenge. Zij nam het initiatief en ik had er direct ook zin in.

Het is bijna gedaan er mee, en nu pas bedenk ik me: oei, ’t is zondag nog helemaal geen Pasen? Blijkt dat we al wat vroeg gestart zijn met deze challenge, Katrien had in het begin aangegeven dat we 6 dagen konden skippen, maar dat heb ik niet gedaan.

Op het laatst hebben we nu elkaar nog wat vragen gesteld over de afgelopen weken en dit zijn mijn antwoorden op haar vragen.

1. Wat dacht je toen je mijn uitdaging om 40 dagen te bloggen las? Was je meteen even gek als ik of heb je toch getwijfeld?

Ik was al redelijk snel méé met het idee, vooral omdat het al een paar jaar geleden was, van in 2017 dat ik nog eens 40 dagen na elkaar blogde. En toen ik je inspiratielijstje las, was ik helemaal verkocht, ik vermoedde dat het me nog wel eens ging lukken. Voordeel van 2017 was dat ik toen grotendeels op reis was, en elke dag gewoon een verslagje kon maken, dat was nu wel even anders. 


2. Wat vond je de grootste uitdaging de afgelopen 40 dagen?

Ik wou toch telkens een paar dagen vooruit bloggen, dat ging wel goed tot ik wat stress kreeg dat er voor de volgende dagen niks gepland stond. De grootste uitdaging was dus onderwerpen verzinnen waar ik (1) nog niet eerder over geblogd had en (2) niet hetzelfde waren als vele andere bloggers. Niet te saai worden dus.

3. Welk pad zou je graag nog eens bewandelen met je blog?

Als ik nog eens terug op reis mag, wil ik graag weer meer reiservaringen neerpennen, eventueel zelfs elke dag. Dat is voor mij leuk om later nog eens na te lezen, een soort dagboek, en voor anderen leuk om te lezen omdat ze dan ook het idee hebben van even wég te zijn OF omdat ze er zelf ook reistips kunnen uithalen. 


4. Hoe heb jij de uitdaging aangepakt? Heb je de onderwerpen op voorhand bedacht of werkte je vooral ad hoc?

In de eerste week heb ik wat ideetjes opgeschreven, en ook eens een vraag gesteld aan mijn lezers, of zij nog inspiratie hadden voor mij. Daar heb ik ook wel een en ander uitgehaald. Ik werkte dus voor een paar dagen verder en zorgde dat er telkens een stuk of wat blogs op de planning stonden, dat maakte mij gerust. 

5. Hoe verzamelde jij alle onderwerpen? Waar haal je ideeën voor je blog? 

Dat verschilt enorm. Soms is het gewoon een gevoel. De idee om iets te doen met taal speelde al langer, dus daar heb ik meteen een serie over gemaakt, tips over boeken, films en series doe ik wel vaker, dus dat was ook makkelijk, en dan duik ik af en toe eens in het verleden: oude foto’s opsnorren en daar dan het verhaal bij schrijven, dat helpt altijd. Of ik las wat ideetjes bij de reacties, of via andere blogs.


6. Welke impact heeft 40 dagen bloggen op je blog gehad?

Ik merkte in de statistieken dat ik elke dag veel meer lezers heb. Meestal is dat in pieken, de dag dat ik iets post, heb ik dan ineens veel lezers, maar er waren er nu elke dag gemiddeld een pak meer. Er zijn dus mensen  die echt elke dag zijn komen lezen en dat is wel heel leuk.


7. Kreeg je er veel nieuwe lezers bij?

Ik vermoed van wel, maar dat is moeilijk te controleren als ze niet echt volgen of niet reageren. Maar ik kreeg soms wel reacties van mensen die anders nooit reageren, of nog nooit gereageerd hebben. De allerleukste reactie was van mijn oud-leraar Nederlands, die ik op mijn blog de hemel had ingeprezen. Die blog was door iemand anders naar hem doorgestuurd en toen heeft hij ook zelf gereageerd – ik was volledig van mijn melk.

8. Welke vraag zou je graag eens aan andere bloggers stellen?

Zouden jullie mij graag willen ontmoeten? En hoe zie je dat dan? Een blogmeeting met nog mensen of liever één op één – gesteld dat er geen Corona-maatregelen zijn natuurlijk. 

9. Ga je in een zwart gat vallen na 40 dagen bloggen?

Ik ga een paar dagen niet bloggen, denk ik en als de inspiratie komt, zet ik er wel weer iets op. Maar er zal minder gepland worden en meer à la minute. Hoewel ik altijd mijn blogs wel minimum één dag vooraf schrijf, ik post dan pas de volgende ochtend. 


10. Sluiten we nu meteen een deal om het volgend jaar nog eens te doen?

Oh dan hoop ik zo dat ik iets leuks te melden heb, dat ik kan teren op een hoop herinneringen en reiservaringen die er tussen NU en volgend jaar februari zijn bijgekomen. Dus ja, wat mij betreft hebben we een deal!

Morgen een overzichtje en zondag een quiz!

Dit is de achtendertigste dag in #40dagenbloggen

Tiny heeft gevloekt

Bende broekschijters! Naïevelingen! Dwazen! Keikoppen!

Sorry. Ik ging een blogje schrijven over wat ik de afgelopen tijd allemaal gedaan heb: geplant, gewandeld, gelezen, geluisterd, gekeken, gegeten, je kent het wel… En ik bleef hangen bij “gevloekt”. Normaal gebruik ik mijn blog niet om te zagen of te neigen want dat wordt er al genoeg gedaan maar nu moet me dit toch eens van het hart. Één keer.

Vrijdagavond 19 maart, persconferentie na het zoveelste Corona-overlegcomité. Begin van deze week werd het duidelijk dat cijfers weer de hoogte in gaan, het gaat nièt goed, méér besmettingen maar ook méér mensen in het ziekenhuis en ik kreeg door via een vriendin dat de helft van haar COVID-patiënten mensen zijn ONDER de zestig jaar.

Op donderdag zeggen ze dan dat er wordt overlegd om te vergaderen of er vrijdag moet overlegd worden in plaats van pas volgende week. Komààn! Neem die koe bij die horens en zeg: “We vergaderen vrijdag. Punt.”

Op vrijdag wordt er weer overal gespeculeerd: komen er verstrengingen, komt er een strengere avondklok, gaan ze terug de winkels sluiten, wat, hoe, waar?? En wat je het meeste hoort: “Ze moeten gewoon sneller vaccineren.” Ja mensen, maar dat is het probleem, niet de regering of de gemeentes werken niet mee, maar het is de farma-industrie die niet levert wat er beloofd werd. Daar kan noch regering, noch gemeente iets aan doen. Iedereen is er klaar voor: het systeem werkt, er zijn vaccinatiecentra, de mensen zijn bereid,… maar die vrijwilligers in die centra zitten grotendeels met hun vingers te draaien. We kennen mensen die er werken en die maar twee keer per week een dag moeten komen meedraaien omdat er gewoon geen spuitjes zijn. Ze kunnen er verder niks doen. Zucht. Maar hiervoor moeten we niet schieten op de regering.

Vrijdagavond, half zeven: de persconferentie begint. Let wel: de cijfers schieten serieus de hoogte in, pieken van 5000 besmettingen per dag, elke dag méér opnames,… en wat zeggen ze: we gaan de versoepelingen “on hold” zetten. Verder gaan we de kindjes nog een beetje meer straffen: er wordt niet gestart met voltijdse lessen in het middelbaar, vakantiekampen voor de kleintjes worden afgezwakt of geannuleerd, en de ministers moeten tegen maandag een nieuw plan maken voor het onderwijs. Buitenschoolse activiteiten worden grotendeels opgeschort of beperkt. Pretparken mogen niet open. Oh en de kinderen tussen tien en twaalf moeten ook een mondmasker dragen.

Ik hoor van véél ouders dat die gasten al een hele tijd spontaan een mondmasker dragen op school. Ik ben van mening dat het virus ALTIJD al in de scholen rond dwarrelde, maar dat dit nu pas aan het licht komt omdat ook kinderen getest worden. Het is nog maar vrij recent dat kinderen op school ook getest worden, maar dat zat er volgens mij altijd al! Ik begon me al behoorlijk op te winden.

Dan zijn ze bang voor overvolle treinen in de Paasvakantie. Dus wat gaan ze doen? In de weekends en de vakanties mag er alléén maar aan het raam gezeten worden in de trein, beperktere toegang dus. Hoe gaan ze dat controleren? Wat gebeurt er dan als de trein “vol” zit? Ik voorspel grote massa’s in de stations en gefrustreerde reizigers die niet mee kunnen én een heleboel mensen die zeggen “Foert, ik ga hier wel zitten“.

Onnozelaars! Dat lijkt op een regeltje dat even snel snel werd voorgesteld maar waar niet erg lang is over nagedacht en waar de NMBS niet eens bij betrokken werd.

Verder? Wordt er iets verstrengd? Ba neen. Hou u maar aan de maatregelen, lieve mensen. Je moét telewerken.

Sorry, da’s een grapje zeker? Ik heb een lief die màg telewerken van zijn baas, maar dan maar 40% van de tijd en oh ja, oei er is nog altijd geen laptop voor u, maar ja, u zit toch alleen in uw bureau hé? Kom dan maar naar kantoor.

Als ik tijdens de week naar mijn ouders rijd, Wevelgem-Brugge en terug, zie ik enorm veel verkeer. Rond het spitsuur zijn er overal weer files. Statistisch gezien is er slechts 20% minder verkeer dan pre-Corona. De parkings van vele werkplekken staan vol.

Ik volg volledig Marc Van Ranst in deze kwestie die verbolgen is omdat er niet een hardere aanpak werd aangekondigd. Hij is een doener, hij wil actie. Desnoods gewoon een korte strenge lockdown.

Andere landen zijn véél strenger. Net over de grens in Frankrijk (10 minuten hier vandaan) mag je slechts 10 km van je huis verwijderd zijn. Alle niet-essentiële winkels sluiten er, de scholen blijven wel open, maar er is een avondklok vanaf 19u.

Waarom kan dat bij ons niet?

Zijn ze bang voor opstand? Of omdat het niet kan gecontroleerd worden? Zijn ze bang voor de repercussies van de economie? Daar is het nu toch al te laat voor. Als we zo doorgaan, kan er geen horeca open op 1 mei, kan er niet naar het buitenland gereisd worden, kan er niet versoepeld worden. Waarom dan niet eventjes allemaal de adem inhouden? Ik merk nu weinig verschil, want iedereen doet grotendeels zijn eigen goesting.

Zo, mijn ei is gelegd, mijn hart gelucht. Het moest er eens uit.

Ik ben niet kwaad omdat ik nog niet kan starten met mijn bijberoep, ik ben niet kwaad omdat ik niet op restaurant kan, ik wil daar allemaal gerust een tijd mee wachten. Maar ik ben kwaad omdat het slecht gaat, omdat het huis wéér in brand staat en er niet geblust wordt, maar omdat men er weer gewoon op staat te kijken.

Dank u, Iris van Robays!

Dit is de drieëndertigste dag in #40dagenbloggen.